1. Pippa durft alles

Meneer de Haan is elke dag als eerste wakker. Hij doet het raam open en haalt diep adem. Wat een mooie dag, denkt hij, heerlijk! Blij loopt hij naar buiten. Na een slok water roept hij hard: “Kukelekuuuu!”
Wat een luie kippen. Meneer De Haan roept nog eens: “Kukelekuuuu!”
Dan gaat eindelijk gaat het hok open, de eerste kip loopt geeuwend naar buiten. Daarna komen alle andere kippen gezellig kletsend naar buiten. “Toktoktoktoktok. Tooooook-toktoktok. Wat een mooi weer,” zegt Sara Kip. “En we zijn precies op tijd, daar komt ons eten aan.”
De boer strooit korrels maïs op de grond. Alle kippen rennen er op af en eten hun buiken dik en rond.
Klaartje Kip stopt even en kijkt om zich heen. “Zeg, Sara, komt dat kind van jou niet eten?”
“Nee,” zegt Sara Kip. “Pippa vindt zichzelf te dik, daarom eet ze zo weinig.”
“Maar als Pippa niet eet kan ze geen eieren leggen. Dan wordt de boer boos.”
“Toook-toktok. Dat weet ik,” zegt Sara Kip zuchtend. “Ik heb Pippa gewaarschuwd. Als je niet goed eet maakt de boer kippensoep van je, zei ik.”
Krakend gaat de deur van het hok weer open, er stapt een kleine kip naar buiten, ze kijkt alsmaar omhoog.
“Nou, dan heeft het niet geholpen,” zegt Klaartje Kip. “Kijk maar, daar heb je Pippa.”
Pippa gaat op haar rug in het gras liggen. Hoog in de lucht vliegt een hele grote vogel. Hij beweegt zijn vleugels langzaam op en neer en kijkt in het rond. Pippa zwaait. De vogel houdt zijn vleugels stil en maakt rondjes. Wauw, denkt Pippa, wat lijkt me dat fijn, lekker zweven en vliegen. Ik denk dat je dan erg ver kan kijken. Dat zou ik ook wel willen. “Mamma!” roept Pippa. “Waarom kunnen kippen niet vliegen?”
Sara Kip, de moeder van Pippa, draait zich met een rood hoofd om. “Sssst!” zegt ze.
Alle kippen stoppen met eten en kijken Pippa hoofdschuddend aan.
“Stel niet van die gekke vragen, Pippa,” zegt moeder. “Ga liever eten, dan wordt je groter en dikker.”
Pippa zegt niks. Ze ziet de meeuwen hoog in de lucht spelen. Moet je zien, wat leuk, samen kunstjes doen in de lucht. “Mamma! Ik wil ook vliegen!”
“Sara Kip!” roepen sommige kippen boos. “Mogen we misschien rustig eten? Zeg eens tegen dat kind van je dat ze haar snavel houdt.”
Moeder duwt Pippa het hok in. “Als je niet wilt eten blijf je voor straf binnen. Ik wil geen gekke vragen meer horen.”
“Oké,” zegt Pippa zacht. Toch moet ze steeds aan de vogels denken en aan vliegen. Dat moet ik ook kunnen, ik heb ook vleugels, misschien een beetje klein, toch ben ik een vogel. Ik wil niet mijn hele leven maïs eten en dikker en dikker worden om veel eieren te leggen.
Pippa schrikt als de deur van het kippenhok opengaat. Meneer de Haan staat in de deuropening. Hij gaat naast Pippa op de stok zitten.
“Luister eens, kleine Pippa, er is nog nooit een kip geweest die heeft kunnen vliegen. Kippen zijn véél te dik om te kunnen vliegen. Wij kunnen alleen maar een beetje omhoog springen, meer niet.”
“Maar, meneer de Haan,” zegt Pippa. “We hebben toch vleugels? Dan zijn we toch vogels? En vogels kunnen toch vliegen?”
Meneer de Haan kijkt boos. “Wij zijn geen vogels, wij zijn kippen. En nu wil ik er niets meer over horen.”
Meneer de Haan gaat weg en vergeet de deur op slot te doen. Stiekem loopt Pippa naar buiten. Ze loopt helemaal naar achteren waar het hek staat. Alle kippen zoeken op de grond naar de laatste maïskorrels. Pippa kijkt naar de overkant. Ik ren zo hard ik kan en beweeg mijn vleugels hartstikke snel, dan vlieg ik vanzelf omhoog. Ze neemt een aanloop en rent zo hard ze kan. “Opzij!” roept ze hijgend. “Aan de kant!”
De kippen schrikken als ze Pippa op zich af zien komen, ze fladderen in het rond. De overkant komt steeds dichterbij. Pippa gaat snel met haar vleugels op en neer. Ik moet vliegen, denkt ze, anders loop ik tegen het hek. Dan staat meneer de Haan voor haar neus. Ze botsen boven op elkaar en vallen achterover. Kleine veertjes vliegen in het rond.
“Toktoktoktok,” roepen alle kippen geschrokken.
Vlug staat meneer De Haan op, hij pakt Pippa bij haar vleugel vast. “Kom jij maar eens mee,” zegt hij. “Jij mag twee dagen niet meer naar buiten.”
Maar ik wil niet binnen zitten, denkt Pippa, ik wil leren vliegen. En dan moet ik morgen ook al binnen zitten. Weet je wat? Ik ga een tunnel graven, dan kan ik stiekem uit het hok.

Kinderachtig

John D. Muller View All →

Schrijver van korte verhalen. Soms iets langer. Soms iets anders.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: